Prime Advice for Excellent Performance.

E-News

18 december 2016

Nieuwe Belgische Dataretentiewet goedgekeurd

Nadat het Grondwettelijk Hof op 11 juni 2015 de eerste Dataretentiewet (voluit de Wet op de Elektronische Communicatie) in België heeft nietig verklaard wegens schending van het gelijkheids- en non-discriminatiebeginsel, is de hervormde Dataretentiewet verschenen in het Belgisch Staatsblad op 18 juli 2016. De eerste wet hield namens het Hof namelijk een onevenredige beperking in op het recht tot eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer (privacy).

De eerste Dataretentiewet

De eerste Dataretentiewet liet toe dat alle gegevens van ons telefoon- en internetverkeer werd bijhouden gedurende 12 maanden voor eventueel gebruik door het gerecht met als doel de opsporing en vervolging van strafbare feiten. Echter werd bij het bijhouden van deze gegevens geen enkel onderscheid gemaakt naargelang de categorieën van deze gegevens of naar gelang de betrokken personen. Op die manier werd de bewaartermijn voor alle gegevens algemeen van toepassing op álle personen en álle elektronische communicatiemiddelen.

Bovendien heeft artikel 126 Wet Elektronische Communicatie enkel betrekking op de bewaring en niet op de  inhoud van deze communicatiegegevens.

Grondwettelijk Hof verklaart eerste Dataretentiewet ongrondwettig

Het voormeld arrest van het Grondwettelijk Hof volgde het standpunt van de Liga voor Mensenrechten waarbij het bewaren van gegevens gedurende 12 maanden niet in verhouding staat tot het wettelijk nagestreefde doel en overschrijdt daarbij de grens van wat evenredig is. Het arrest van het Grondwettelijk Hof ligt overigens in het verlengde van de vernietiging uitgesproken door het Hof van Justitie van de richtlijn 2006/24/EG waarop artikel 126 WEC is gestoeld.

Nieuwe garanties en waarborgen

Thans met de hervormde Dataretentiewet zijn telecom- en internetbedrijven nog steeds verplicht om deze telefonische en elektronische metadata  te bewaren gedurende 12 maanden. Toch zijn er een aantal nieuwe garanties gekomen om de privacy beter te waarborgen.

Met de nieuwe wet wordt vooreerst een onderscheid gemaakt inzake de bewaarde gegevens volgens drie categorieën: identiteitsgegevens (voorbeeld wie is de houder van een bepaald gsm-nummer), lokalisatie- en verbindingsgegevens (plaats en duur van de communicatie) en persoonlijke communicatie (wie heeft gebeld of gecorrespondeerd met wie). Voor de drie categorieën is een bewaringstermijn van 12 maanden noodzakelijk.

De toegang tot deze gegevens worden ingrijpend ingeperkt naargelang de ernst van het misdrijf, afhankelijk het misdrijf zullen de gegevens langer of korter toegankelijk zijn. Op die manier zullen de gegevens inzake terrorisme gerelateerde misdrijven langer toegankelijk blijven. Bij de kleinere misdrijven, die niet kunnen worden gestraft met een correctionele straf, zullen de gegevens bijvoorbeeld slechts 6 maanden beschikbaar zijn.

Ook de autoriteiten die gerechtigd zijn tot toegang van deze gegevens worden duidelijk afgelijnd, zoals de gerechtelijke autoriteiten, inlichtingen -en veiligheidsdiensten als officieren van gerechtelijke politie van de Cel Vermiste Personen,…. Daarnaast zal elke operator en elke aanbieder o.m. een Coördinatiecel moeten oprichten die wordt belast met het verstrekken van de gegevens die de bevoegde Belgische autoriteiten verzoeken.

Maar ook de wijze waarop de gegevens moeten worden geraadpleegd wordt gegarandeerd.

Verder worden een aantal waarborgen ingebouwd voor beroepen met een beroepsgeheim zoals voor advocaten, geneesheren maar ook voor het bronnengeheim van journalisten.

De nieuwe wet zal uiteraard nog moeten worden geëvalueerd in de tijd en worden onderworpen aan de toetsing van het Grondwettelijk Hof. Daarnaast zal nog een Koninklijk Besluit verschijnen omtrent de verdere uitwerking van de bepalingen met name omtrent de te bewaren gegevens en de bewaringstermijn ervan.

Iris Verrue

Recent nieuws