Prime Advice for Excellent Performance.

E-News

15 januari 2016

Het Hof van Cassatie bevestigt de onwettigheid van de belasting op tweede verblijven in Koksijde

Op 3 september 2015 bevestigde het Hof van Cassatie het arrest van het hof van beroep te Gent dat oordeelde dat de belasting op tweede verblijven, geheven door de gemeente Koksijde, strijdig is met het gelijkheidsbeginsel en het discriminatieverbod. 

De gemeenteraad van de gemeente Koksijde keurde op 26 februari 2007 haar belastingreglement op tweede verblijven goed dat van toepassing was van 2007 tot 2011. 

Onder het begrip “tweede verblijf” diende te worden verstaan: “elke private woongelegenheid die voor de eigenaar of de zakelijk recht houdende of de huurder of gebruiker, al dan niet tegen betaling, niet tot hoofdverblijf dient maar die op elk ogenblik door hen voor bewoning of verblijf kan worden gebruikt.” 
Deze definitie wordt nog steeds gehandhaafd in het thans van kracht zijnde belastingreglement dat op 20 december 2012 werd goedgekeurd.

De tweedeverblijfstaks werd ingevoerd op grond van de motivering dat de investeringen die de gemeente doet in het openbaar domein en in de groenaanplantingen voornamelijk te situeren zijn in de zones waar de meeste tweede verblijven gesitueerd zijn. Daarenboven stelt de gemeente Koksijde dat de niet-permanent bewoonde eigendommen aanleiding geven tot een grotere zorg voor de veiligheid en de openbare ruimte. 

Belangrijk element in het dossier dat tot deze rechtspraak leidde is dat de gemeente Koksijde geen aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting heft.

De raadsheren bij het hof van beroep te Gent oordeelden dan ook dat er geen objectieve redenen voorhanden zijn om de kosten die in de motivering tot het heffen van de belasting op tweede verblijven worden weerhouden uitsluitend ten laste te leggen van de eigenaars of gebruikers van twee verblijven en niet ten laste van de inwoners. De verfraaiingen van de badplaats, alsook de zorg voor de veiligheid en de open ruimte, komt, aldus het hof, ten goede van iedereen die zich op het grondgebied van de gemeente Koksijde bevindt. 

Het is inderdaad veroorloofd om een tweedeverblijftaks te gaan heffen teneinde een bepaald onevenwicht tussen enerzijds de inwoners en anderzijds de tweede verblijvers weg te werken. Omdat de gemeente Koksijde evenwel geen aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting heft, kan de tweedeverblijftaks niet worden ingevoerd als compenserende maatregel. In die zin frustreert de kwestieuze belasting op tweede verblijven dan ook het gelijkheidsbeginsel en het discriminatieverbod. 

Het is nu natuurlijk nog maar de vraag hoe de gemeente Koksijde aan deze rechtspraak zal tegemoet komen. 

Jens Rau

Recent nieuws